7 maart 2024
Één van de uitgangspunten van antropologisch kijken en deep democracy is dat niks betekenis heeft van zichzelf en dat daarmee niemand een monopolie heeft op de waarheid. Dat betekent dat de waarde die wij toedichten aan dingen, dieren, mensen, hun gedrag, meningen en emoties door onszelf zijn bedacht. Wij hebben bedacht dat goud meer waard is dan lood en dat dat lood dan weer ongeveer net zoveel waard is als oud ijzer. Wij hebben bedacht dat we stoer zijn waarderen in jongenskinderen en lief en schattig zijn in meisjeskinderen. Wij hebben bedacht dat we mensen met weinig vet op de botten, niet teveel en niet te weinig spieren en een min of meer symmetrisch gezicht mooi vinden. En zoals je misschien ook wel herkent in deze voorbeelden: dat kan per situatie en van plek tot plek op de wereld verschillen. Als niets betekenis heeft van zichzelf en wij bedacht hebben dat A slecht is en B goed, kunnen we dus ook weer iets anders bedenken. Dat helpt ons om ons te verplaatsen in een ander, ook als die er heel andere denkbeelden, meningen en emoties dan wijzelf op nahoudt.
Bij bovengenoemde voorbeelden kun je je misschien nog wel voorstellen dat je er ook op een andere manier naar kunt kijken. In trainingen die ik geef merk ik dat veel mensen blijven hangen op ‘niets’ en ‘niemand’. “Want,” zeggen ze dan: “Moord! Genocide! Verkrachting! Dat is toch wel gewoon echt slecht?”
De intentie van dit uitgangspunt, niets heeft betekenis van zichzelf, is niet dat we alles maar goed (moeten kunnen) vinden. Of neutraal. Wel kan het ernaar streven om op deze manier naar de wereld en de mensen om ons heen te kijken helpen om samen tot een betere wereld te komen.
Onlangs hoorde ik een fantastisch verhaal dat precies dát illustreert. Nora Bateson is schrijver, filmmaker en docent. Ze is de dochter van de beroemde antropoloog Gregory Bateson. Nora houdt zich bezig met hoe we op een andere manier naar de complexiteit in de wereld kunnen kijken zodat we onze interactie met die wereld kunnen verbeteren.
In het kader van haar werk vroeg iemand haar: “Heb jij jouw vader ooit wel eens in een noodsituatie meegemaakt?” “Nee”, zei Nora. Later dacht ze erover na en er kwam toch een herinnering bovendrijven.
Toen Nora zo’n 10 jaar oud was reden ze met het gezin in een Volkswagen hippiebusje over de Big Sur in California. Ze reden over een smalle weg met bergen aan de ene kant en de afgrond richting de oceaan aan de andere kant. Zonder gordels, die had je toen nog niet. Nora’s vader Gregory zag iets verderop aan de kant van de weg een lifter staan. Hij stopte en liet de jonge man instappen. Toen de auto weer begon te rijden, haalde de man een mes tevoorschijn en duwde het tegen de ribben van Gregory aan. Gregory keek naar het mes, keek naar de man en zei: “Wat is dit nou? Hoe ben je nou toch in deze situatie beland?”
Die vraag was geen trucje. Alles in Gregory was oprecht benieuwd, en zijn hele lichaam ademde oprechte interesse, de trilling in z’n ooglid, het ritme van zijn adem, de lichte blos op z’n wangen. “Wat is er met jou gebeurd, broeder, hoe ben je hierin verzeild geraakt?” En de jonge man en de vader begonnen te praten. Langzaam maar zeker ontspande de hand met het mes erin. De man legde de hand in zijn schoot en stopte het mes uiteindelijk weg. De bus met het gezin en de jonge man reed zo’n vijfenveertig minuten door. Ze kwamen langs de plek waar de jonge man naartoe had gemoeten en ze zetten hem daar af. Gregory gaf de man wat geld en hun huistelefoonnummer. Hij omhelsde de man en zie: “Als je ooit iets nodig hebt, neem dan contact met me op.”
Nora had deze situatie nooit als een noodsituatie beleefd en kwam er daarom in eerste instantie niet op toen zij daar naar gevraagd werd. Er had in die situatie in de auto nooit een gevoel van angst of gierende adrenaline geheerst. Nora’s vader heeft de situatie nooit gezien als een situatie waarin hij beroofd werd. De reacties die je misschien zou verwachten in zo’n situaties zijn varianten van vluchten, vechten of bevriezen. Fight, flight or fright. Nora’s vader zag de situatie heel anders. Hij zag het verhaal achter de jonge man met het mes in zijn auto. Hij oordeelde niet, had geen medelijden, maar hij was gewoon benieuwd: wat is jouw verhaal, hoe ben je hier terecht gekomen? Hij wilde het probleem niet oplossen, hij was oprecht geïnteresseerd in het verhaal van de man.
Doordat Gregory niet afging op een oordeel over of interpretatie van de situatie of de man, maar oprecht benieuwd was naar wat hier aan de hand was, verliep de situatie heel anders dan deze had kunnen verlopen. Dit verhaal laat zien wat er te winnen valt als we proberen in onze interactie met de ander niet uit te gaan van goed, fout, mooi of lelijk en oprecht nieuwsgierig te zijn naar de leefwereld van die ander.
Bellen, appen, mailen, PM'en, het kan allemaal!
All Rights Reserved | Van lieverlee